Regio en geschiedenis

Kasteel van Rambouillet en het bos eromheen bezoeken

Foto: Trougnouf (Benoit Brummer) · CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Wat is het kasteel van Rambouillet?

Het kasteel van Rambouillet, zo'n vijftig kilometer ten zuidwesten van Parijs in het departement Yvelines, is een voormalig koninklijk en later presidentieel buiten dat een middeleeuwse verdedigingstoren combineert met vleugels uit de zeventiende en achttiende eeuw. Het gebouw ligt aan een reeks vijvers en eilandjes en grenst direct aan het bos van Rambouillet, een van de grootste boscomplexen van Île-de-France. Wie er nu heen gaat, bezoekt een monument dat achtereenvolgens jachtverblijf, keizerlijk tussenstation, zomerresidentie van staatshoofden en sinds 2009 een publiek toegankelijk rijksmonument is geweest.

De combinatie van kasteel, tuinen, een negentiende-eeuwse melkerij en een schapenboerderij binnen loopafstand maakt Rambouillet tot een dagtrip met verschillende lagen: architectuur, hofgeschiedenis en landbouwgeschiedenis liggen er letterlijk naast elkaar.

Van middeleeuwse toren tot koninklijk domein

De oorsprong van Rambouillet ligt in een versterkt huis uit 1368, gebouwd door de familie d'Angennes. Van dat oorspronkelijke kasteel resteert de ronde stenen toren die nog altijd de naam "tour François Ier" draagt: in die toren overleed koning Frans I op 31 maart 1547, tijdens een jachtverblijf op het domein. Rambouillet bleef daarna eeuwenlang in particuliere handen, onder meer bij de familie Fleuriau d'Armenonville en vervolgens bij Louis Alexandre de Bourbon, graaf van Toulouse en een erkende zoon van Lodewijk XIV, die het goed in de vroege achttiende eeuw ingrijpend liet verbouwen tot het huidige schelpvormige geheel van vleugels rond de oude toren.

Zijn zoon, de hertog van Penthièvre, erfde het domein daarna, tot koning Lodewijk XVI het in 1783 van hem opkocht. De koning zocht een jachtgebied dicht bij Versailles en Rambouillet, met zijn uitgestrekte bossen vol wild, paste daar goed bij. Marie-Antoinette was minder gecharmeerd van het sobere, vochtige kasteel en liet er voor zichzelf een eigen lustoord bouwen: de Laiterie de la Reine, een kleine neoclassicistische melkerij op loopafstand van het kasteel, waar de koningin verse zuivel liet proeven in een setting van marmeren zuilen en een grot met een beeld van een nimf.

De Bergerie nationale en de Merino's van Lodewijk XVI

Vlak bij het kasteel richtte Lodewijk XVI in 1786 ook een schaapskooi op met een kudde Merinoschapen die rechtstreeks uit Spanje was ingevoerd, destijds een politiek precaire operatie omdat Spanje de export van dit kostbare wolras streng bewaakte. Het doel was de Franse lakenindustrie te verbeteren met de fijnste wol van Europa. Die kudde, uitgebreid onder Napoleon met eigen bebouwing voor de dieren, bestaat tot op de dag van vandaag onafgebroken voort zonder externe inkruising, wat het genetisch gezien tot een unieke, al meer dan twee eeuwen gesloten populatie maakt.

De Bergerie nationale is tegenwoordig een levend landbouwmuseum en kenniscentrum voor duurzame veeteelt, met een boerderij die u vrij of via een rondleiding kunt bezoeken. In het hoogseizoen, van half april tot begin november, is de boerderij op woensdag, zaterdag, zondag, feestdagen en tijdens de schoolvakanties van zone C geopend, met langere middagopeningstijden in de zomer. Reken op een toegangsprijs van enkele euro's per volwassene, met korting voor kinderen. Combineer een bezoek bij voorkeur met de late ochtend of vroege middag, wanneer de begeleide rondleidingen plaatsvinden.

Napoleon, de laatste nacht op Franse bodem

Napoleon kwam meerdere keren in Rambouillet, maar het kasteel is vooral bekend als het laatste adres dat hij op Franse bodem betrok. Zijn tweede troonsafstand, na de nederlaag bij Waterloo, tekende hij op 22 juni 1815 in het Élysée-paleis in Parijs, niet in Rambouillet; dat verhaal wordt vaak door elkaar gehaald met Fontainebleau, waar hij in 1814 zijn eerste abdicatie ondertekende. Wat wél in Rambouillet gebeurde: in de nacht van 29 op 30 juni 1815 bracht Napoleon er zijn laatste nacht in Frankrijk door, op weg naar Rochefort en zijn definitieve ballingschap naar Sint-Helena.

Rambouillet was overigens al eerder decor van een abdicatie, ditmaal wél ter plekke ondertekend: op 2 augustus 1830 tekende koning Karel X in het kasteel zijn eigen troonsafstand, ten gunste van zijn kleinzoon, de hertog van Bordeaux. Die twee gebeurtenissen, vijftien jaar na elkaar en met een andere dynastie, worden in overleveringen soms samengevoegd tot één verhaal, terwijl het om twee losse episodes gaat.

Zomerresidentie van de presidenten

Na de napoleontische periode bleef Rambouillet in gebruik als representatief buiten van de staat. Vanaf 1896, toen president Félix Faure besloot er zijn zomers door te brengen, groeide het kasteel uit tot de vaste zomerresidentie van de Franse presidenten, een rol die het bijna anderhalve eeuw vervulde. In die periode ontving Rambouillet ook internationale staatsbezoeken en top-overleg, waaronder de eerste bijeenkomst van wat later de G7 zou worden, georganiseerd in 1975 door president Valéry Giscard d'Estaing.

Die functie eindigde in 2009, toen het presidentschap afstand deed van de residentie en het beheer overging naar het Centre des monuments nationaux. Sindsdien is het kasteel een publiek museum: de historische vertrekken, waaronder de appartementen van Napoleon en het door kunstenaars uit de jaren dertig gedecoreerde interieur uit de presidentiële periode, zijn te bezichtigen, en de Engelse en Franse tuinen rond de vijvers zijn vrij toegankelijk.

Het bos van Rambouillet

Rond het kasteen ligt het bos van Rambouillet, een van de grootste aaneengesloten boscomplexen van Île-de-France. Het staatsbos zelf beslaat ruim 14.000 hectare, verspreid over bijna dertig gemeenten; telt u de omliggende particuliere bospercelen mee, dan loopt het beschermde geheel op tot ruim 25.000 hectare. Het bos strekt zich over zo'n 35 kilometer uit tussen Orgerus in het noorden en Rochefort-en-Yveline in het zuiden, met een afwisseling van eikenbestanden, dennenaanplant, heidevelden en een reeks vennen, waarvan de Étang d'Hollande de bekendste is.

Het gebied is nog altijd een jachtdomein, met percelen die eigendom zijn van de staat en gebruikt worden voor officiële jachtpartijen, naast een uitgebreid net van wandel- en fietspaden voor bezoekers. Rond de vennen en langs de oude jachtlanen liggen gemarkeerde routes van uiteenlopende lengte, van korte ommetjes bij het kasteel tot dagtochten dieper het bos in. Let bij een bezoek op de jachtperiode in het najaar, wanneer delen van het bos tijdelijk kunnen worden afgesloten voor wandelaars.

Praktisch: heen en terug vanuit Parijs

Rambouillet is rechtstreeks bereikbaar met de trein vanaf station Paris Montparnasse. De snelste verbindingen doen er ongeveer drie kwartier over, met meerdere afvaarten per uur op doordeweekse dagen; reken op zo'n veertig treinen per dag in beide richtingen, zodat u zich niet aan een strak schema hoeft te houden. Vanaf het station van Rambouillet loopt u in ongeveer twintig minuten naar het kasteel, of u pakt een lokale bus.

Het kasteel is doorgaans geopend op maandag, woensdag, donderdag, vrijdag en in het weekend, met een middagpauze tussen de ochtend- en middaguren; dinsdag is een vaste sluitingsdag. De zomeropening loopt tot laat in de namiddag, in de wintermaanden sluit het iets vroeger. Rond 1 januari, 1 november, 11 november en 25 december blijft het kasteel gesloten. Een volwassen toegangsbewijs voor het kasteel kost enkele euro's, met gereduceerde tarieven en gratis toegang voor jongeren onder de achttien; op de eerste zondag van de maand is de toegang gratis. Wie zowel het kasteel als de Laiterie en de Bergerie wil combineren, kan bij de kassa een gecombineerd ticket vragen dat voordeliger uitpakt dan losse kaartjes.

Wie na Rambouillet meer kastelen in de regio wil zien, vindt aanvullende routes in de mooiste dagtrips vanuit Parijs of kan het vergelijken met een ander koninklijk jachtdomein in het kasteel van Chantilly.

Veelgestelde vragen

Is het kasteel van Rambouillet nog een presidentiële residentie?
Nee. Rambouillet was van 1896 tot 2009 de zomerresidentie van de Franse presidenten. Sinds 2009 beheert het Centre des monuments nationaux het kasteel en is het als museum voor publiek toegankelijk.
Heeft Napoleon zijn abdicatie in Rambouillet getekend?
Nee, dat is een veelgemaakte verwarring met Fontainebleau. Napoleon tekende zijn tweede troonsafstand op 22 juni 1815 in het Élysée-paleis in Parijs. Rambouillet was wel zijn laatste overnachting op Franse bodem, in de nacht van 29 op 30 juni 1815, voor hij naar ballingschap vertrok.
Kun je de Bergerie nationale los van het kasteel bezoeken?
Ja. De Bergerie nationale ligt op loopafstand van het kasteel maar heeft eigen openingstijden en een eigen toegangsprijs. U kunt de boerderij vrij bezoeken of een van de middagrondleidingen volgen.
Hoe lang duurt de treinreis van Parijs naar Rambouillet?
Vanaf station Paris Montparnasse duurt de snelste verbinding ongeveer drie kwartier, met meerdere treinen per uur op doordeweekse dagen.
Lees ook
Voorgevel van het Château de Chantilly onder een blauwe lucht
Regio en geschiedenis

De mooiste dagtrips vanuit Parijs

Zijaanzicht van het Château de Chantilly met de weerspiegeling van het kasteel in het omringende water, onder een blauwe lucht
Regio en geschiedenis

Het kasteel van Chantilly bezoeken

De tuingevel van het paleis van Versailles met een fontein en bronzen beeld
Versailles

Het kasteel van Versailles bezoeken: kaartjes en tips